Het model van assistentiewoningen zal veranderen

Wie relevant wenst te blijven in de sector van assistentiewoningen dient mee te evolueren met de noden en wensen van zijn potentiële bewoners. Een traditionele sector zoals deze van “woonzorg” zal voor dezelfde uitdaging komen te staan als Netflix en HelloFresh: je zal nieuwe manieren moeten blijven vinden om waarde te leveren. En laat hier nu het schoentje aardig beginnen te knellen voor assistentiewoningen.

De vraag is niet of de sector van de assistentiewoningen in Vlaanderen drastisch zal veranderen… de vraag is wanneer deze eindelijk zal veranderen! De verandering is in feite al jaren bezig! Maar verandering zal zich, zoals altijd in de maatschappij, eerst tonen bij de eindklant die aangeeft dat de beschrijving in het Stambesluit (18 juni, 2019) niet meer resoneert met de wensen en de noden van hen als doelgroep. De wetgeving zal met andere woorden mee dienen te evolueren om nog relevant te zijn en relevant te blijven. Een aangepaste wetgeving zal beheersinstanties in de mogelijkheid plaatsen om maatwerk te bieden wat in 2023 ook essentieel is geworden. Gedaan met de “one size fits all” dienstverlening en mentaliteit. Nu gaat men er blijkbaar nog steeds vanuit dat 100 personen die wensen te wonen in een groep van assistentiewoningen allemaal dezelfde wensen hebben. Toch hebben ze één voor één een andere smartphone, een ander type wagen en totaal andere interesses.

Maatwerk binnen assistentiewoningen bestaat uit 2 delen: het kwalitatief basispakket dat aanwezig dient te zijn (vanuit de wetgeving) + een menu van facultatieve diensten/services/belevingen waaruit iedere bewoner kan kiezen. We merken dat de facultatieve dienstverlening steeds belangrijker aan het worden is. Hetzelfde zie je ook in andere sectoren. Kijken we naar de automobiel industrie: hier starten ze ook met het aanbieden van een zeer degelijke basisuitvoering van de wagen waarin je interesse hebt. Pas daarna gaat de verkoper stap voor stap met je door de waslijst van opties om zo te komen tot de auto van je dromen! Het zou perfect kunnen dat de wagen die je wenst reeds bij benadering in de showroom staat… maar door het feit dat je zelf ieder detail hebt kunnen bepalen maakt dat deze wagen je voorkeur zal uitdragen. Ook je smartphone, het toestel dat je 50 keer per dag gebruikt, kan je tot in de kleinste details personaliseren. Hoe komt dit? Omdat de smartphone perfect dient te passen bij de identiteit van jij als gebruiker. En zo dient het ook te zijn/worden binnen assistentiewoningen!

Prijs is koning

Niet alleen de mogelijkheid tot personalisatie is belangrijk. Ook de prijs is doorslaggevend geworden. Gezien het toenemende aanbod in de markt van assistentiewoningen is het essentieel geworden om duidelijk te maken waarvoor je staat als residentie en op welke manier dat je anders bent dan anderen. Wanneer je als beheersinstantie kan aantonen dat ze als bewoner in de basis bedrag X betalen en nadien de dienstverlening op maat kunnen uitbouwen (zoals in een hotel) merken we dat dit aanslaat bij de potentiële bewoners. Maar om de basisdienstverlening betaalbaar genoeg te maken dient “het model” van uitbating aanzienlijk te veranderen.

Ander model is een noodzaak

Wanneer je als beheersinstantie je inkomsten enkel wenst te halen (of kan halen) bij de bewoners (intramuraal) zal je model in de toekomst niet alleen als “te duur” in de markt worden gepercipieerd… je zal ook onvoldoende geïntegreerd zijn in de regio en je facultatieve dienstverleningen zullen te beperkt zijn. Beheersinstanties dienen zichzelf opnieuw uit te vinden om het verschil te maken zoals ieder ander bedrijf dat relevant wenst te blijven voor zijn doelgroepen.

Maar het succes van groepen van assistentiewoningen is niet alleen bij de beheersinstanties te zoeken. Ook de eigenaars/investeerders en ontwikkelaars dienen in de spiegel te kijken. Is jullie gebouw wel in orde? Is de tuin mooi aangelegd zodat het aantrekkelijk is voor buitenstaanders? Is het gebouw gezellig of werden de muren enkel snel wit geschilderd omdat dit de goedkoopste oplossing was?

Na overname is er vaak een blijvende dualiteit

“Je krijgt vaak wat je gezaaid hebt” is een wijze spreuk. Dat merken we als Paloma Vlaanderen iedere dag opnieuw. De beloftes uit het verleden komen iedere dag opnieuw naar boven. Bij een overname zien we duidelijk een dualiteit ontstaan: enerzijds heb je de eigenaars die gekocht hebben op basis van wat er aan werd beloofd. Anderzijds heb je de bewoners die ingestapt zijn in het nieuwe model van Paloma Vlaanderen. Jaren geleden was “the sky the limit” en werden er de gekste dingen aan eigenaars beloofd. Nu jaren later merken tal van projecten dat hetgeen toen werd beloofd de dag van vandaag niet haalbaar is + dat er ook geen “markt” is voor dit product/concept. Bij iedere overname die we doen merken we als Paloma vaak dat ons nieuw model veel succes heeft (veel verhuur) maar dat dit niet het model is waarvoor zij jaren geleden hadden gekozen. Met andere woorden: de bestaande bewoners die vaak jaren hebben geleefd in een residentie met 20 a 30% bezetting merken dat het model waarin ze ingestapt zijn niet werkte en dienen zich nu in te passen in een model op maat dat in 2023 steeds hipper aan het worden is. Als beheersinstantie vraagt deze dualiteit (waarvoor we veel begrip hebben) heel veel energie. Want we kunnen de klok niet terug draaien. We kunnen enkel trachten positief voorwaarts te kijken en samen te timmeren aan een model dat wel succesvol kan zijn.